In het begin bestaat er een legende. Die van de Griekse boodschapper Phidippidès — of Philippidès volgens sommige versies — die van Marathon naar Athene zou hebben gerend om de overwinning van de Grieken op de Perzen te melden. De moderne marathon verwijst naar dit beroemde tafereel en werd bedacht voor de eerste moderne Olympische Spelen in Athene, in 1896, als verwijzing naar deze imaginaire oudheid. Destijds was de afstand nog niet vastgelegd: die lag rond de 40 km en verschilde per editie.
De echte wending komt tijdens de Olympische Spelen van Londen in 1908. De organisatoren leggen dan een parcours vast dat loopt van Windsor Castle tot aan de koningsloge van het stadion van Londen. Het resultaat: de loop meet 42 km en 195 m, oftewel 26 mijl en 385 yards. Ja, de mythische marathonafstand dankt veel aan een route die was uitgedacht om een kasteel met een koninklijke tribune te verbinden.
Deze afstand maakte nog geen universele regel uit, maar de Londense proef heeft de gemoederen beroerd, vooral door zijn zeer intense finish die in de olympische geschiedenis legendarisch bleef: de Italiaan Dorando Pietri kwam als eerste het stadion binnen, maar was in een toestand van extreme uitputting, verkeerde de richting en viel meerdere keren neer in de laatste meters. Functionarissen hielpen hem weer op te staan en hij passeerde de finishlijn als eerste, maar werd gediskwalificeerd omdat hij externe hulp had gekregen. De officiële overwinning ging daardoor naar de Amerikaan Johnny Hayes.
Langzaam maar zeker heeft dit formaat zich doorgezet en werd het de standaard die vanaf 1924 voor de Olympische Spelen werd aangenomen. Tot op de dag van vandaag bepaalt World Athletics de marathon op 42,195 km. Deze afstand is dus het resultaat van een toevallige samenloop van omstandigheden die uitgroeide tot traditie.
Deze pagina kan elementen bevatten die met AI zijn ondersteund, meer informatie hier.















